Articles in Category: Publieke Sector

Accountability van communicatie begint met boerenverstand

Op donderdag, 01 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek

In de blog ‘accountability: trend of hype’  op de website www.dewijdeblik.com stelt Betteke van Ruler terecht de vraag of accountability een trend of een hype is. Veel belangrijker is de vraag of accountability en communicatieonderzoek daadwerkelijk een bijdrage kunnen leveren aan succesvolle (gebieds)communicatie.

Bewonersparticipatie en gebiedsontwikkeling

Op maandag, 05 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek, Strategisch onderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd in het tijdschrift S+RO (stedebouw + ruimtelijke ordening) van Het Nirov (Nederlands instituut voor ruimtelijke ordening en volkshuisvesting).
 
Rekening houden met de wensen en behoeften van de (toekomstige) gebruiker is voor bedrijven als Philips, Unilever en ABN de normaalste zaak van de wereld bij de ontwikkeling van hun producten. In de praktijk van de woningbouw en gebiedsontwikkeling is dit nog geen ‘common sense’. Op welke manieren kan de (toekomstige) bewoner en eigenaar meer als uitgangspunt worden genomen? En welke gereedschappen zijn al voorhanden?

Briefing blijft knelpunt voor succesvolle campagne

Op zaterdag, 31 december 2011. in categorie Publieke Sector, Financiële Dienstverlening, FMCG, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek

Oorspronkelijke publicatiedatum: 9 maart 2010:

Uit het onderzoek ‘Het Oog op Communicatie’ van DBMI blijkt dat de briefing nog altijd een belangrijk knelpunt is voor een succesvolle communicatie ontwikkeling. Over de inhoud van een goede briefing verschillen adverteerder en reclamebureau niet van mening. Echter de meeste reclamebureaus beoordelen de ontvangen briefings als onvoldoende. Met name de noodzakelijke consumer insights, de communicatiestrategie en de gewenste positionering ontbreken. Reclamebureaus moeten dus regelmatig zelf nog op zoek naar ontbrekende informatie. Vreemd genoeg zeggen de meeste adverteerders deze informatie wel aan te leveren. Uit het onderzoek blijkt dat adverteerders die een volledige briefing aanleveren, succesvoller zijn met hun campagnes.

Duurzaam bouwen niet sexy

Op maandag, 05 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Innovatie onderzoek, Strategisch onderzoek

Directeur Geert Verlind van Cagerito BV, een onderneming die duurzaamheidprocessen in bedrijven introduceert en begeleidt, lanceerde recent de stelling dat duurzaam bouwen in Nederland nog niet ‘sexy’ wordt gevonden. RUIMTEVOLK bezocht onlangs een tweedaags congres waar dit onderwerp bij de horens werd gevat, en hij lijkt het bij het rechte eind te hebben. Teleurstellend, omdat ook duurzaam bouwen een waardevolle bijdrage kan leveren aan de aanpak van het klimaatprobleem.

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd op www.ruimtevolk.nl.

Een woningmarkt vol kansen

Op dinsdag, 03 januari 2012. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Innovatie onderzoek, Strategisch onderzoek

Steen en been wordt er geklaagd. De roep vanuit de markt en de politiek om een drastische hervorming van de woningmarkt blijft aanhouden. Veel bedrijven die hun brood verdienen aan de woningmarkt, hebben het moeilijk. Langzamerhand komt het besef dat nu eindelijk de consument eens het uitgangspunt moet worden waar de woningmarkt om draait. We horen vrijwel niemand over de kansen die de huidige situatie biedt, omdat veel partijen denken vanuit verouderde veronderstellingen. 

Eigen huis, tuin en buurt

Op dinsdag, 29 november 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek, Strategisch onderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd in het tijdschrift S+RO (stedebouw + ruimtelijke ordening) van Het Nirov (Nederlands instituut voor ruimtelijke ordening en volkshuisvesting).

Stedelijke vernieuwing wordt vaak gedreven door kwantitatief onderzoek. Maar de kwaliteit van een buurt is minstens net zo belangrijk. Een goede buurt is het resultaat van intensieve samenwerking tussen alle betrokken partijen (bewoners, corporatie en gemeente). Beleidsmakers moeten zich daarom niet alleen richten op cijfers, maar juist op kwaliteit. Niet focussen op prachtwijken, maar op het creëren van betere buurten. Het werken aan een betere buurt als format voor een televisieprogramma. Dat klinkt vreemd, maar is echt waar. Samen met een aantal corporaties onderzoekt SEV de mogelijkheid om een televisieprogramma te realiseren waarin buurtbewoners aandelen kunnen kopen in hun wijk. De wijk met het hoogste rendement is ‘Hollands Next Top Buurt’. Grote vraag is nu of het stimuleren van competitie tussen wijken de juiste oplossing is voor het verhogen van de kwaliteit. Is het niet veel beter om te kiezen voor een verdere emancipatie van bewoners die samen met de gemeente, de corporaties en andere stakeholders gaan voor de kwaliteit van hun woonomgeving?

Gebiedscommunicatie wordt volwassen! Nu de gebiedsmarketing nog...

Op donderdag, 29 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd op www.ruimtevolk.nl

De rol van marketing en communicatie bij woningbouw en gebiedsontwikkeling is relatief nieuw. Maar waar gebiedscommunicatie in het werkveld van vastgoedontwikkeling steeds vaker serieus wordt genomen, blijkt gebiedsmarketing vreemd genoeg hier bij achter te blijven. Er wordt veel geïnvesteerd in het bereiken van de doelgroep maar er wordt vaak slecht geluisterd naar de wensen van woningzoekenden.

Gebiedsmarketing inventariseert de woonwensen van woningzoekenden zodat gewenste woningen ontwikkeld kunnen worden. Het concept van een gebouw of een wijk moet aansluiten bij de wensen van de doelgroep zodat het gebied of complex als een herkenbaar merk in de markt gezet kan worden. Zo is in Haarlem door Ymere een complex ontwikkeld voor Turkse ouderen, die op zoek waren naar een plek waar zij samen konden gaan wonen. Ze hadden vooral behoefte aan een aantal gemeenschappelijke ruimtes. Door deze vraag is een zeer specifiek en gewenst wooncomplex ontwikkeld.

Gebiedscommunicatie is een relatief nieuw vakgebied dat alle communicatieactiviteiten omvat die bij gebiedsontwikkeling komen kijken: van visieontwikkeling, draagvlak en participatie tot en met de verkoop van woningen. Over het algemeen zoekt elk woongebied of bedrijventerrein naar een eigen identiteit. Het zoeken naar unieke verkooppunten is een uitdagend proces, waarbij gewaakt moet worden voor gemakzucht. Een gebied kan zich onderscheiden door bijvoorbeeld het realiseren van een architectonisch icoon of  door het vertellen van een eigen verhaal. Daarbij speelt gebiedscommunicatie een belangrijke rol.

artikel afbeelding
Campagne Nieuw Crooswijk (Foto: Wiebe de Ridder)

Zowel marketing als communicatie zouden eigenlijk vanaf het eerste moment van planvorming betrokken moeten zijn. Vaak is dat niet het geval. Volgens Michiel Linskens, senior programmanager bij het Communicatie Instituut Ruimtelijke Ontwikkeling (CIRON) is er weliswaar meer aandacht voor gebiedscommunicatie maar rammelt het marktonderzoek bij gebiedsontwikkeling vaak. “Dat is een gemiste kans. Betere analyse kan belangrijke vergissingen voorkomen.”

Vooral bij aanvang van een project zou volgens Linskens moeite moeten worden gestopt in het onderzoeken van de markt. Nu komt het onderzoek pas vaak weer een aantal jaren later naar voren tijdens de verkoop. “Het imago en de identiteit van een gebied dienen vanaf het begin zorgvuldig opgebouwd en gemonitord te worden. Vooral in perioden waarin weinig gebeurt voor de buitenwereld, zoals bijvoorbeeld tijdens vergunningsprocedures, is het zinvol om toch lokale ondernemers en omwonenden op de hoogte te houden.”

Omdat het gaat om langlopende processen (vaak langer dan 5 jaar) is het denkbaar dat de marktsituatie verandert. Om die reden is het belangrijk dat de ontwikkelingen in de markt goed in de gaten worden gehouden, aldus de seniorprogrammamanager. "Wat het ook moeilijk maakt", zegt Linskens "is dat de betrokkenheid van een marketing- en of communicatieteam vaak erg ad hoc is. Er wordt op deze manier geen geheugen opgebouwd binnen het project waardoor op communicatiegebied het wiel steeds opnieuw moet worden uitgevonden. Nog beter zou het zijn wanneer projectvisie, communicatiestrategie en marketing goed op elkaar zijn én blijven afgestemd: dan ontstaat meerwaarde voor alle betrokken partijen.”

Linskens conclusie is dat in deze tijd van een moeizaam lopende vastgoed- en woningmarkt het tijd wordt dat gebiedscommunicatie én -marketing als volwaardige vakgebieden erkend worden. Projecten zullen daardoor soepeler verlopen, weerstanden zullen minder zijn en de plannen beter, met meer draagvlak. En – last but not least – er wordt gebouwd waar consumenten behoefte aan hebben.

artikel afbeelding
Le Medi Rotterdam (Foto: Era Contour)

Een mooi voorbeeld van het succesvol toepassen van marketing in de ontwikkeling van een woonwijk is overigens het project Le Medi in Rotterdam-West. In dit project is vanaf de conceptfase voor deze nieuwbouwwijk tot en met de realisatie gewerkt met een klantenpanel. Het spiegelen van de ideeën voor dit woningbouwproject aan de doelgroep heeft volgens de ontwikkelaars enorm bijgedragen aan de kwaliteit van het project. Ook voor de verkoop is het goed geweest. De woningen staan in een omgeving met een matige reputatie, maar omdat het project zich richt op een heldere doelgroep loopt de verkoop toch goed. De doelgroep van dit project zijn mensen die bewust kiezen voor de stad met al haar activiteit en diversiteit. Het project richt zich dus niet per definitie op mensen met roots in de mediteranee.  De huidige bewoners voelen zich zo thuis in het project dat ze hun trouwkaart hebben opgemaakt in de stijl van het project. Goede marketing en communicatie kan mensen dus ook gelukkig maken.

Goed communicatieonderzoek leidt tot betere campagnes

Op donderdag, 01 december 2011. in categorie Publieke Sector, Financiële Dienstverlening, FMCG, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek

Door Gabriël Snuverink, www.sightkick.nl

Het Oog op Communicatie‘ van DBMI (Durk Bosma) ingevuld. De hamvraag: hoe kan marktonderzoek bijdragen aan effectiever adverteren? Bosma heeft hiervoor 384 professionals geraadpleegd, zowel van adverteerders- als van bureauzijde. Koren op mijn molen, mijn roots liggen in communicatie-onderzoek.

Hoe zet je Nederland in de markt?

Op donderdag, 29 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Innovatie onderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd op www.ruimtevolk.nl.

Het thema van de Expo te Zaragoza dit jaar was ‘Water en duurzame ontwikkeling’. Een thema dat Nederland op het lijf geschreven lijkt te zijn. De verwachtingen van onze inzending waren dan ook hooggespannen. Helaas zijn die volgens Wiebe de Ridder niet waargemaakt.

De wachttijd bij het Nederlandse paviljoen is te overzien. Gezien de drukte bij andere paviljoens is dat een slecht voorteken. Na tien minuten wachten in de hete Spaanse zon word ik door twee vriendelijke Nederlandse dames toegelaten tot het eerste deel van het paviljoen.

Van een afstand dacht ik dat dit gedeelte om een tentoonstelling ging. De panelen en filmpjes in deze ruimte zijn echter promotiematerialen van de diverse sponsors. Het overkoepelende thema van de informatie is zoals te verwachten valt: duurzame ontwikkelingen met water. De inhoud van de filmpjes stellen teleur. De sponsors komen niet verder dan wat te laten zien over de activiteiten van het bedrijf, de promotie van een innovatief product of de marketing van een stad. Er zit geen samenhang tussen de verschillende bijdragen. Een gemiste kans. Na weer tien minuten wachten mag ik de filmzaal binnen.

artikel afbeelding

De ruimte waarin de film wordt vertoond, is opgebouwd uit een replica van een dijk zodat je als bezoeker het gevoel krijgt in de polder te staan. Het filmscherm loopt van het plafond in een ronding zodat de projectie doorloopt tot aan je voeten. De film bestaat uit Hollandse plaatjes van polders, Amsterdamse grachten, onze rivieren, de zee, en natuurlijk ontbreken de grote waterwerken ook niet. Alle beelden zijn heel verantwoord en gemoedelijk. De film wordt afgesloten met een moraliserende boodschap uit de mond van Johan Cruijf.

Als ik buiten sta, vraag ik mij hardop af: is dit waar Nederland voor staat? Ik hoop van niet. Dit is wel een heel erg braaf en weinig innovatief beeld van ons land. Nederland heeft zeker op het gebied van watermanagement toch veel meer in zijn mars? Mijn waardering voor het Nederlands paviljoen zakt steeds verder onder NAP.

Eenmaal thuis begin ik te twijfelen. Is Nederland wel zo creatief en innovatief? Misschien klopt het beeld van de tentoonstelling wel beter dan ik in eerste instantie denk. Het begin september gepresenteerde rapport van de tweede Deltacommissie – hoe de Nederlandse kust versterkt moet worden om het hoofd te bieden aan de zeespiegelstijging – heeft immers voor het eerst sinds jaren, watermanagement weer op de politieke agenda gezet. De politiek wil naar aanleiding van dit onderzoek de komende decennia zelfs jaarlijks miljarden gaan investeren.

artikel afbeelding
Happy Street van John Körmeling voor de Expo 2010

Desalniettemin, de Nederlandse inzending voor de Expo 2008 is wat mij betreft weinig onderscheidend, spraakmakend of eigenzinnig. We mogen echt wel wat meer ambitie tonen. Het ontwerp van kunstenaar en architect John Körmeling voor de aankomende Expo van 2010 in Shanghai belooft gedurfder en opvallender te zijn. Hopelijk geldt dat ook voor de inhoud van deze inzending. De Nederlandse inzending met de titel ‘Happy street’ wordt een spiraalvormige straat met zeventien huisjes waarin te zien is hoe innovatief Nederland omgaat met ruimte, energie en water. De omhoog klimmende ‘Happy street’ van John Körmeling zorgt in ieder geval dat het Nederlands Paviljoen in Sjanghai boven NAP komt te liggen. Dat is alvast een goed begin.

Imago-onderzoek voor regio’s

Op vrijdag, 02 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Communicatieonderzoek, Strategisch onderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd in het tijdschrift S+RO (stedebouw + ruimtelijke ordening) van Het Nirov (Nederlands instituut voor ruimtelijke ordening en volkshuisvesting).
 
Wat is er nodig om regio’s als de Randstad beter zichtbaar te maken en hoe kun je werken aan het imago van dit soort regio’s? Deze vragen staan centraal in de publicatie die is voortgekomen uit het internationale congres The Image and the Region – Making mega-city regions visible! (februari 2006, München). Dat deze vragen actueel zijn blijkt wel uit de moeite die Minister Cramer en haar ministerie van VROM doen om samen met burgers en professionals na te denken over het gewenste beeld van de Randstad in 2040.In elk hoofdstuk staat de vraag centraal hoe mega-city regions in beeld gebracht kunnen worden, hoe zij hun imago kunnen ontwikkelen en hoe deze twee aspecten met elkaar samenhangen.

Krimp en burgerinitiatief

Op donderdag, 29 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed

Dit interview is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd op www.ruimtevolk.nl

In IJzendijke, een dorpskern in de West Zeeuws-Vlaamse fusiegemeente Sluis, werkt de dorpsraad aan plannen om een multifunctioneel dorpscentrum te realiseren. De gemeente werkt echter niet mee. Verslag van een gesprek met André Soomers, van de burgerinitiatiefgroep ‘Accommodaties IJzendijke‘, over krimp, creatieve burgers, een stugge gemeente en gemiste kansen.

IJzendijke heeft veel moeite om de leefbaarheid op peil te houden. West Zeeuws-Vlaanderen is een krimpende regio en dat merken ze in IJzendijke ook. Veel maatschappelijke voorzieningen verdwijnen uit het dorp of krijgen geen langlopende oplossingen voor hun huisvesting aangeboden.

De gevolgen van de gemeentelijke samenvoegingen zijn duidelijk te merken. De dorpskernen in West Zeeuws-Vlaanderen zijn historisch gezien zeer zelfstandig. “De animositeit tussen de dorpen is zelfs tegenwoordig nog groot”, aldus André Soomers, van de burgerinitiatiefgroep ‘Accommodaties IJzendijke.

artikel afbeelding
De Markt in IJzendijke (foto:Lidia Fourdraine)

Het merendeel van de zeventien kernen kan zich dan ook moeilijk identificeren met de naam ‘Sluis’, een voorwaarde van die kern om zich bij de laatste herindeling aan te sluiten bij de anderen. De verdeeldheid vind men tot op de dag van vandaag terug in het ambtenarenapparaat en in de raad, wat niet bevorderlijk is voor de gewenste efficiënte samenwerking, weet Soomers te melden.

De regio krimpt en de gemeente Sluis heeft een enorm grondoppervlak te besturen met steeds minder geld. Het gaat financieel zelfs zo slecht dat de gemeente onder toezicht van de provincie staat. Door de gemeentelijke samenvoegingen is het ambtelijk apparaat weliswaar gecentraliseerd, maar door een overschot aan extern ingehuurde medewerkers en een gebrek aan synergie is de slagkracht van de gemeente mager.

Het duale stelsel helpt daar niet bij; de gemeenteraad bevat weinig mensen die capabel zijn om  vakkundig te besturen. Een lange termijn visie ontbreekt. Het gevolg is grote tegenstellingen, voortdurende vetes, uitgeklede compromissen, dure externe raadgevers met Randstadoplossingen, en belangengroepen die lang niet altijd het algemeen belang van de gemeente op het oog hebben.

Het gemeenschapscentrum in het dorp werd na de vuurwerkramp in Volendam meteen dichtgetimmerd. Omdat een aantal verenigingen toen op straat stonden kwam er een soort gedoogbeleid voor het gebruik van het gebouw. Maar de gemeente heeft geen visie ontwikkelt wat met dit gebouw aan te vangen, zegt Soomers. Jarenlang stond het centrum als post op de gemeentebegroting. Maar nu is het geld verdampt. Met als gevolg dat het niet meer aan de eisen van deze tijd voldoet en dat er achterstallig onderhoud is. De gemeente heeft zo‘n houding van: ‘niet zeuren en jullie mogen blij zijn met tijdelijke oplossingen en voorzieningen’, aldus Soomers.

Een voorbeeld van de frustratie van de dorpsraad is  de ontwikkeling van een multifunctioneel dorpscentrum. Het idee voor dit centrum ontstond toen het openlucht zwembad in IJzendijke na een moeizame periode werd gesloten. Vijftien jaar geleden werd het zwembad geprivatiseerd. In eerste instantie werd het door de nieuwe eigenaar geëxploiteerd met subsidie van de gemeente. Toen de plannen voor een bungalowpark niet door konden gaan, werd het zwembad commercieel gezien minder aantrekkelijk. Er werd een partycentrum bij gebouwd en dat kreeg steeds vaker voorrang waardoor het zwembad niet altijd open was op de afgesproken tijden. Het onderhoud was minimaal, het bezoekersaantal liep terug en toen de gemeentesubsidie na tien jaar werd stopgezet, werd het zwembad gesloten.

Voetbal

De elders in het dorp staande gymnastiekzaal, die nog wordt gebruikt door de beide lagere scholen, is ook een illustratie voor de verwaarlozing van de voorzieningen. De gymnastiekzaal en interieur zijn beide sterk verouderd. De volleybalvereniging houdt er een gedeelte van de trainingen, maar moet voor de overige trainingen en wedstrijden uitwijken naar een sporthal in een andere kern.

De voetbalvereniging wil graag het gebrek aan de voorzieningen aanpakken. De gemeente bezit de grond van de voetbalvelden en zou het veld moeten onderhouden. Ze heeft echter geen geld om de velden te vervangen en dus is het onderhoud al jaren minimaal. De capaciteit van de velden is ook nog eens te klein.

Het advies van de gemeente is dan ook: voer een ledenstop in en ga op het veld van een naburig dorp voetballen. Maar zo eenvoudig is dat niet. Het lost niets op. Wel heeft de voetbalvereniging, in eigen beheer en met veel zelfwerkzaamheid een nieuwe kantine met kleed- en doucheruimten gebouwd, die functioneert prima en kan zichzelf bedruipen. Inmiddels is er een goed draaiend dames elftal bijgekomen en moeten de accommodaties uitgebreid worden.

De dorpsraad heeft alle behoeften inmiddels geïnventariseerd en met behulp van een architect samengebracht in één plan,  waarbij alles onder één dak zou komen met het oog op synergievoordelen en een zo efficiënt mogelijke inzet van vrijwilligers tijdens de bouw en latere exploitatie. In dit plan wordt het gebouw van de voetbalvereniging volledig opgenomen in een groter geheel dat verder voorziet in een sporthal, een daaronder gelegen zwembad, multifunctionele ruimten, kantine/horeca, fitnessruimte, jeugdhonk, peuterspeelzaal, naschoolse opvang.

Het plan is voorgelegd aan een woningcorporatie, die bereid is om te investeren in maatschappelijk vastgoed.  Maar desondanks wil de gemeente nog steeds niet meewerken. Ze wil het geld  van de woningcorporatie gebruiken voor andere projecten  die ze anders niet rond kan krijgen. De woningcorporatie blijft het IJzendijkse initiatief ondertussen toch steunen.

Maatschappelijk draagvlak

“De gemeente stelt dat het dorp te klein is voor zo’n plan dat het niet past met het oog op de bevolkingskrimp, dat de opbrengst van gebouw verkoop terug zal vloeien in de pot algemene middelen en dat het landschappelijke problemen op zal leveren.” aldus een teleurgestelde Soomers. “Het vervelende is dat bij navraag bij de provincie blijkt in ieder geval dat dit laatste niet het geval is.” weet hij ook nog te vertellen.

“Ondanks de krimp besloot de gemeente wel een nieuwe wijk van meer dan honderd huizen te gaan bouwen bij IJzendijke. Daar is inmiddels mee aangevangen en de verkoop verloopt boven verwachting. Bij de presentatie van deze plannen betoogde de toenmalige verantwoordelijke wethouder dat de gemeente aan grondverkoop en leges zeker een miljoen euro  zou overhouden en dat dit bedrag geheel ten goede zou komen aan de IJzendijkse gemeenschap voor nieuwe faciliteiten en niet voor achterstallig onderhoud aan gemeentelijke eigendommen.” verteld Soomers verder.

artikel afbeelding
Nieuwbouw in IJzendijke (foto:Lidia Fourdraine)

“Kortom, ze kunnen niet omgaan met een burgerinitiatief waaruit duidelijk blijkt dat er mogelijkheden zijn. Ze hebben totaal geen oplossing voor de langdurig bestaande problemen. Ze hebben zelfs geen visie waaraan je eventuele voorstellen zou kunnen toetsen.” Dat is de voorlopige conclusie van Soomers.

Het gebrek aan financiën en de bevolkingskrimp zijn volgens Soomers een reden voor de gemeente om overal ferm nee tegen te zeggen. Ze verzuimt krimp te zien als een uitdaging en daarop een visie te ontwikkelen die de leefbaarheid in de kernen waarborgt rekening houdend met de specifieke wensen die in een bepaalde kern leven. Ze zou de verenigingen, burgers, de middenstand en het bedrijfsleven moeten betrekken in het vinden van oplossingen. Op deze manier creëer je maatschappelijk draagvlak, begrip en consensus en maak je optimaal gebruik van het gezonde verstand dat overal in de kernen voldoende aanwezig is.

“De gemeente wil liever de bestaande voorzieningen in stand houden, ook al voldoen deze niet meer aan de behoefte. Ze ervaren het als lastig als burgers zomaar zelf ideeën genereren. Maar wij gaan door met het zoeken naar mogelijkheden om ons plan te realiseren”. Deze week was er een filmploeg die de gevolgen van krimp in IJzendijke in beeld wilden brengen “maar de gevolgen zijn nu nog helemaal niet zichtbaar en dat willen we graag zo houden”, aldus een fanatieke André Soomers.

Nieuwe ouderen eisen nieuwe benadering ouderenzorg

Op vrijdag, 13 januari 2012. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Innovatie onderzoek, Strategisch onderzoek

De ouderen van de nabije toekomst hebben geen positief beeld over de zorg die zij straks zullen krijgen. Er heerst een grote onzekerheid over wat hen te wachten staat in combinatie met de angst voor afhankelijkheid.Toch is het toekomstbeeld niet helemaal negatief. Er liggen mooie kansen voor zorgaanbieders die in staat zijn de behoeften van deze nieuwe ouderen in te vullen. 

De ouderen van de toekomst zijn een nieuwe, mondige generatie ouderen die andere wensen heeft en andere eisen stelt aan de zorg die ze krijgen. Dit heeft belangrijke consequenties voor de manier van werken van zorginstellingen. Dit blijkt uit het onderzoek 'Ouderenzorg van de Toekomst' dat DBMI uitvoerde in samenwerking met een grote zorginstelling. Het onderzoek vond plaats onder mensen van 55 tot 70 die nu nog geen (intensieve) zorg nodig hebben.

Stedenbouw gaat over communicatie

Op donderdag, 29 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed

Stedelijke planning = 80% communicatie + 20% verbeelding. En Steden kunnen de wereld redden. 

Zef Hemel deed deze uitspraak tijdens het congres MorgenTomorrow | Dag van de Ruimte in de Westergasfabriek te Amsterdam. Het congres is mede ter ere van het Wibautjaar georganiseerd en heeft de titel: 'Steden kunnen de wereld redden.' Veel van de sprekers benadrukte vooral dat er hard gewerkt moet gaan worden aan de planning van duurzame groene steden. Steden die zoveel mogelijk in hun eigen voedsel en energie kunnen voorzien. Het betoog van Zef Hemel (adjunct-directeur van de dienst stedenbouw in Amsterdam) ging vooral over hoe dat dan moet gaan gebeuren.

Sleutel tot succes 
In zijn betoog benadrukt hij dat communicatie en verbeelding de sleutel tot succes zijn. Dus geen uitgebreide plannen en kaarten met toekomstbeelden. De uitwisseling van ideeën moet centraal staan. Als belangrijkste communicatiemiddel introduceert hij de poldertafel. Een ronde tafel waar naar goed Nederlands gebruik gepolderd kan worden. Tijdens het polderen moet iedereen zich dan wel houden aan de 'Amsterdam Principels':

• Begin klein (niet teveel mensen) 
• Sluit geen mensen en partijen uit 
• Laat je wapens thuis (geldzaken, regels, beleidsnotities etc.) 
• Focus op de inhoud 
• Deel je verhalen 
• Geen Powerpoints! 
• Bedwing je passies 
• Wees nieuwsgierig
• Wees betrokken

Belang van de dialoog 
Zef Hemel benadrukt hiermee het belang van een goede dialoog tijdens het proces van stedelijke ontwikkeling. Stedelijke ontwikkeling is steeds meer een vraagstuk dat onder een brede groep mensen in de samenleving wordt opgepakt.

Meer participatie
Dit proces vraagt om extra aandacht voor communicatie. We spreken niet altijd dezelfde taal en niet iedereen kan een stedenbouwkundige schets lezen. Hier kunnen we met behulp van bijvoorbeeld cartoons, stripverhalen en infographics en het onderzoeken van de communicatiemiddelen iets aan doen. De democratisering van de fysieke stedelijke planning betekent dat er steeds meer moet gebeuren op het gebied van participatie en marktonderzoek.

Vergrijzende bevolking vraagt om creativiteit gemeente

Op maandag, 05 december 2011. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Innovatie onderzoek

Dit artikel is geschreven door Wiebe de Ridder en is eerder gepubliceerd op www.ruimtevolk.nl.

De roltrappen in de metrostations van Londen hebben mij altijd gefascineerd. In sommige gevallen zijn ze zo lang dat je het einde niet kunt zien. Je ziet alleen het licht aan het einde van de roltrap. Het is net alsof je opstijgt naar de hemel. Het echte doel is natuurlijk veel pragmatischer: snel mensen naar boven of naar beneden verplaatsen.

Woningkoper wil keuzevrijheid op maat

Op dinsdag, 24 januari 2012. in categorie Publieke Sector, Wonen en Vastgoed, Strategisch onderzoek

Ontwikkelaars, woningcorporaties en gemeenten moeten zich niet blind staren op de kansen die Particulier Opdrachtgeverschap (PO) en Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) bieden. Door drempels voor woonconsumenten weg te nemen en slim in te spelen op de voordelen die consumenten zien zijn er zeker mogelijkheden om het marktaandeel van particuliere woningbouw te vergroten. De woonconsument vraagt echter om een breder palet aan mogelijkheden om een nieuwbouwwoning te kopen of te laten ontwikkelen. Woonconsumenten zoeken met name naar projecten waarin keuzevrijheid op een passende manier wordt ingevuld zo blijkt uit het onderzoek van DBMI dat in samenwerking met het Nirov en Nieuwbouw Nederland is uitgevoerd. Het woonproduct, de mate van keuzevrijheid, financieel risico en de eigen verantwoordelijkheid bij de realisatie moeten worden afgestemd op de verschillende doelgroepen. Niet elke doelgroep wil veel zelf doen. Als woonconsumenten en professionals goed naar elkaar luisteren en samenwerken kan een grotere diversificatie aan woningbouwprojecten ontstaan.

DBMI Marktonderzoek

Westeinde 12d
2512HD
070 8885222
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.